Skip to main content
15 mei 2026

Wanneer God zijn naam bekendmaakt

Waarmee kom jij naar de Pinksterconferentie? Misschien met meer in je hart dan anderen zien. Misschien keek je uit naar dit weekend – naar muziek, sfeer en ontmoetingen. Maar misschien draag je ook iets anders mee: een vraag die blijft, een verlangen dat je moeilijk onder woorden brengt.

God, wie bent U voor mij? Die vraag komt al vroeg in de Bijbel naar voren. Mozes was ooit iemand die dacht dat God een plan had met zijn leven. Maar jaren later leeft hij ergens in de woestijn. Ver weg van alles. Wat ooit als een vuur in zijn hart brandde, lijkt bijna verdwenen. En dan gebeurt er iets bijzonders. Op een gewone dag ziet hij een struik die in brand staat, maar niet verbrandt. Mozes wordt nieuwsgierig en loopt dichterbij. En dan hoort hij een stem uit het vuur. Het is God. Mozes stelt een eerlijke vraag: “Als de mensen vragen wie mij gestuurd heeft – wat moet ik dan zeggen? Wat is uw naam?”
God antwoordt: “IK BEN DIE IK BEN.”

Daar begint alles. God openbaart zich. Maar God is niet zomaar een theorie of een idee. God is niet gewoon ‘het goddelijke’ in elke mens. Hij noemt zijn naam. Hij maakt zich bekend. Hij zegt: Ik ben. De levende. De aanwezige. De God die zich niet verbergt, maar zich laat vinden. Door de hele Bijbel heen ontdekken mensen stap voor stap meer van die naam. Op plaatsen van nood, strijd, wachten, schuld en hoop leren ze iets van wie God is. Zo ontstaan de namen waarmee mensen Hem noemen. Misschien is dat ook wel wat deze conferentie voor jou mag betekenen. Niet alleen dat jij iets over Hem hoort, maar dat jij Hem leert kennen, of Hem nog beter leert kennen.

Misschien als: Jahweh Jireh – de HEERE die voorziet

Misschien kom jij dit weekend met vragen over de toekomst. Over studie, werk, relaties of keu zes. Soms voelt het alsof je vooruit moet, terwijl je niet weet waar de weg naartoe leidt. Abraham kende zo’n moment toen hij met zijn zoon Isaak de berg opliep. Het leek alsof alles vastliep – maar juist daar greep God in. Abraham leerde God daar kennen als: Jahweh Jireh – de HEERE die voorziet. Mag het zo zijn dat jij Hem dit weekend beleeft als Jahweh Jireh – de Heer, jouw voorziener.

Misschien als: Jahweh Rafa – de HEERE die geneest

Niet lang na de bevrijding uit Egypte komt Israël bij een plaats waar het water bitter is. De mensen hebben dorst, maar het water is niet te drinken. Teleurstelling slaat om in onrust. Mozes roept tot God, en God verandert het water. Daar openbaart Hij zich met een nieuwe naam: Jahweh Rafa – de HEERE die geneest. Die naam spreekt over herstel. Over een God die bitterheid kan veranderen. Misschien draag jij iets met je mee wat bitter voelt: een teleurstelling, een wond, een verlies. God ziet het. Hij weet waar het pijn doet. En Hij is de bron van herstel. Dat herstel komt soms anders dan wij verwachten, maar zijn hart blijft hetzelfde. Mag het zo zijn dat ij Hem dit weekend beleeft als Jahweh Rafa – de Heer, jouw geneesheer.

Misschien als: Jahweh Nissi – de HEERE mijn banier

In Exodus 17 wordt Israël aangevallen door Amalek. Terwijl beneden in het dal gevochten wordt, staat Mozes boven op een heuvel met opgeheven handen. Wanneer zijn handen omhoog zijn, wint Israël terrein. Wanneer ze zakken, krijgt de vijand de overhand. Uiteindelijk ondersteunen Aäron en Hur zijn armen totdat de overwinning komt. Daarna bouwt Mozes een altaar. Die plek zal bekendstaan als Jahweh Nissi – de HEERE mijn banier. Een banier was een vlag waaronder een leger zich verzamelde. Het liet zien onder wiens leiding men streed. Ook wij kennen strijd: innerlijke worstelingen, twijfel, verleiding, druk van buitenaf. Soms voel je je alleen in die strijd. Maar onder Gods banier staan betekent dat de strijd niet alleen van jou is. En het betekent ook dat we elkaar nodig hebben. Mag het zo zijn dat jij Hem dit weekend beleeft als Jahweh Nissi – de Heer die voor je strijdt.

Misschien als: Jahweh M’kadesh – de HEERE die heiligt

In een wereld waar veel draait om presteren, zegt God iets opvallends tegen Israël: rust. De sabbat wordt een teken tussen Hem en zijn volk. Het herinnert hen eraan dat hun identiteit niet ligt in wat ze doen, maar in wie God voor hen is. God zegt: Ik ben de HEERE Die jullie heiligt. Heiligen betekent apart zetten. Toewijden. Het leven verbinden aan God. Dat begint niet bij menselijke inspanning, maar bij Gods werk. In Christus zien we dat nog duidelijker: wij hoeven onszelf niet eerst te bewijzen voordat we bij God mogen komen. Vanuit zijn genade mogen we leven en groeien. Misschien herken je de druk om altijd beter te moeten zijn. Mag het zo zijn dat jij Hem dit weekend beleeft als Jahweh M’kadesh – de Heer die jou apart zet voor een leven met Hem.

Misschien als: Jahweh Tsevaot – de HEERE van de heerscharen

Deze naam klinkt groot en indrukwekkend: de God van ontelbare hemelse legermachten. En toch verschijnt deze naam in het verhaal van Hanna, een vrouw die worstelt met verdriet omdat ze geen kinderen kan krijgen. Jaar na jaar bidt zij. En tot wie bidt ze? Tot Jahweh Tsevaot. De God van de hemelse legers hoort het gebed van één vrouw. Hij ziet haar tranen en geeft haar een zoon: Samuel, die later een belangrijke rol zal spelen in de geschiedenis van Israël. Zo laat God zien dat zijn macht niet ver weg staat van menselijke nood. Misschien voel jij je klein tegenover wat er in jouw leven speelt. Mag het zo zijn dat jij Hem dit weekend beleeft als Jahweh Tsevaot – de Heer die groter is dan alles wat jou bedreigt.

Misschien als: Jahweh Tsidkenu – de HEERE onze gerechtigheid

De profeet Jeremia sprak in een tijd waarin leiders faalden en het volk afdwaalde. Toch gaf God een belofte: er zal een Koning komen uit het huis van David. En zijn naam zal zijn: de HEERE onze gerechtigheid. Dat betekent dat Hij voor ons zal zijn wat wij zelf niet kunnen zijn. Niemand van ons kan uit zichzelf recht staan voor God. Maar in Jezus gebeurt iets wonderlijks: Hij neemt onze schuld op zich en geeft ons zijn gerechtigheid. Dat betekent dat onze relatie met God niet rust op onze prestaties, maar op wat Christus heeft gedaan. Misschien voel jij je schuldig of heb je het gevoel dat je tekortschiet. Dan mag je weten dat God zelf de weg heeft geopend. Mag het zo zijn dat jij Hem dit weekend beleeft als Jahweh Tsidkenu – de Heer die jou rechtvaardig noemt.

En misschien dieper dan al het andere:
Jahweh Shammah – de HEERE die er is

Het boek Ezechiël eindigt met een visioen van een herstelde stad. En de naam van die stad zal zijn: de HEERE is daar. Dat is uiteindelijk de bestemming van Gods plan. Niet alleen dat mensen hulp ontvangen, maar dat God zelf bij hen woont. Dat verlangen loopt door de hele Bijbel heen. In Eden wandelde God met mensen. In Jezus kwam Hij dichtbij. En ooit zal er een dag komen waarop er geen afstand meer is. Maar ook nu geldt al die belofte: Hij is aanwezig. Misschien voelt God soms ver weg in jouw leven. De naam Jahweh Shammah herinnert ons eraan dat zijn aanwezigheid niet afhankelijk is van ons gevoel. Mag het zo zijn dat jij Hem dit weekend beleeft als Jahweh Shammah – de God die hier is.

Zo vormen deze namen samen één getuigenis:
Hij is de God die voorziet.
De God die geneest.
De God die strijdt.
De God die heiligt.
De God die regeert.
De God die rechtvaardigt.
De God die aanwezig is.
En al die namen vloeien terug naar dat ene moment bij de braamstruik.
Ik ben.

Lourens du Plessis